Ik heb drie netwerken: coax, utp en wifi. Deze netten komen samen op een softwarerouter onder Debian. Deze draait op een oude pentium I met 32Mb intern.
Daarnaast een server, ook op Debian, op een pentium III met 256Mb intern. De server serveert alle bekende zaken, ik noem een fileserver (nfs/samba), printserver (cups), passwordserver (nis/ldap), dns, dhcp, ntp, proxy enzovoorts.
Op de workstations heb ik Ubuntu draaien. Dat wil zeggen, op de meest courante computer draait Ubuntu desktop, twee oude pentium III computers maken als thin client (ltsp) gebruik van de courante computer. Zeg maar drie workstations voor de prijs van één.
Ik ben ooit eens met Linux gaan werken omdat ik het prettig vind om zelf controle te houden over wat er op je computer gebeurd. Mijn eerste linux install deed ik in 1998. Ik stapte toen een hele andere wereld binnen, althans dat was het vanuit de windows wereld. Ik had echter het voordeel begonnen te zijn met DOS en heel vroeger ooit eens met computers zoals de ZX81. De commando prompt was dus geen onbekende voor mij. De eerste linux computers gebruikte ik dan ook alsof het een DOS computer was, maar dan wel een oneindig meer geavanceerde versie.
In 2000 maakte ik een splitsing tussen server, router en workstation. In dat jaar kreeg ik ook mijn breedband internetaansluiting. In 2006 stapte ik van RedHat over op Debian. Aanvankelijk draaide ik ook op de workstations Debian. Voor de klassieke toepassingen functioneert dat prima. Maar mede doordat Debian streng in de leer is in de open source gedachte, werkte dat niet echt prettig met allerlei multimedia toepassingen. Daarom ben ik in 2007 voor de workstations over gestapt naar Ubuntu.
Daarnaast een server, ook op Debian, op een pentium III met 256Mb intern. De server serveert alle bekende zaken, ik noem een fileserver (nfs/samba), printserver (cups), passwordserver (nis/ldap), dns, dhcp, ntp, proxy enzovoorts.
Op de workstations heb ik Ubuntu draaien. Dat wil zeggen, op de meest courante computer draait Ubuntu desktop, twee oude pentium III computers maken als thin client (ltsp) gebruik van de courante computer. Zeg maar drie workstations voor de prijs van één.
Ik ben ooit eens met Linux gaan werken omdat ik het prettig vind om zelf controle te houden over wat er op je computer gebeurd. Mijn eerste linux install deed ik in 1998. Ik stapte toen een hele andere wereld binnen, althans dat was het vanuit de windows wereld. Ik had echter het voordeel begonnen te zijn met DOS en heel vroeger ooit eens met computers zoals de ZX81. De commando prompt was dus geen onbekende voor mij. De eerste linux computers gebruikte ik dan ook alsof het een DOS computer was, maar dan wel een oneindig meer geavanceerde versie.
In 2000 maakte ik een splitsing tussen server, router en workstation. In dat jaar kreeg ik ook mijn breedband internetaansluiting. In 2006 stapte ik van RedHat over op Debian. Aanvankelijk draaide ik ook op de workstations Debian. Voor de klassieke toepassingen functioneert dat prima. Maar mede doordat Debian streng in de leer is in de open source gedachte, werkte dat niet echt prettig met allerlei multimedia toepassingen. Daarom ben ik in 2007 voor de workstations over gestapt naar Ubuntu.
Reacties